Ode

Naakt en open is zij. In het donker
van een fluwelen nacht. De zee ziet haar
gespierde benen. Haar armen reiken
naar de omhelzing door haar schepper,
opdat hij zich meester van haar maakt.
Waartoe zij bereid en willig is.

Door haar wordt een brede wind
onzichtbaar aangezogen.
Haar huid voelt zijn verkenning
op borst en benen,
waarna hij in kracht toeneemt.
Uitgedaagd haar te beminnen.

Zijn vingers woelen door het haar.
Zijn druk doet haar de ogen sluiten.
Zijn handen omvatten het gezicht,
de ledematen, haar gestalte.
Zij is de mensenholte in zijn wezen
die zich overgeeft maar zijn stem weerstaat.

Zijn kracht doet de golven krullen.
Spattend bevochtigen zij de wind
die haar duwt en om haar wrinkelt;
pijn uitoefent op de spitsen
van haar tepels die als een gift
naar hem zijn geheven.

In de aanval op haar weerstand 
verzamelt hij de elementen om haar
uit zichzelf te voeren: uit haar hoofd
uit haar lijf. De mens en vrouw te verdrijven
uit het lichaam. Volledige overgave, niets minder.
Bevrediging voor hem, geluk voor haar.

Zand schuurt de sokkel van haar voeten,
straalt haar kuiten met vuur.
Zijn kracht maakt hem lichamelijk gewaar
op de zachtheid van haar dijen,
waar hij het vocht van haar droogt
en haar geur verwaait.

Binnen in haar ligt
een grote ruimte  besloten
die hij niet bereikt.
Zij is klaar voor hem maar hij zal haar niet bezitten.
Zijn kracht neemt af, hij breekt.
Snikkend streelt hij haar lendenen.

Haar overgave blijkt
sterker dan zijn overmacht.
Het spel deed haar juichen en golven
in een omvattend orgasme.
Hij krimpt tot de vorm
die het lichaam nauw omsluit.

Haar gezicht ontspannen.
Haar buik leeg en warm.
De huid rood gestriemd.
Haar geest herboren.
Zij gaat huiswaarts
Met een fris gemoed.


in opdracht van T.: Robert Nowan

Reakties aan Robert: mail!

 

 

 

back to HeXX-page