Sweet dreams door: P.Pen

Het begint te schemeren. Sleutel in het slot, en de deur zwaait open. Boodschappen belanden op een onbestemde plek in de kamer. Heel even overweeg je de tv nog even aan te zetten. Maar nee, alleen de gedachte is al teveel. Loom als een konijntje zie je de slaapkamer voor je opdoemen. Kleren vallen op de grond. En dan je hoofd op het zachte kussen.

Hoe lang je er gelegen hebt weet alleen het klokje aan de wand. Doezelig kijk je de kamer rond. Kleren liggen op de grond, het laken op je bed hangt er een beetje bij. Vaag herinner je je hoe moe en gestressed je gisteren van het werk thuiskwam. Met een nog niet helemaal ontwaakte glimlach realiseer je je dat je de hele avond, of nacht?, hebt liggen woelen. Je omdraaiend rolt je hoofd weer op het kussen. Het dekbed ligt half over je benen. Je hand glijdt over je buik omlaag. Het lome gevoel is er nog. Je vingers glijden naar een plek die je zacht doet kreunen.

"Dat is ze!!! Grijp haar!"

Er staat een man in de deuropening. Een grote, autoritaire en sterke man in een lang groezelig-wit gewaad. Achter hem vier soldaten. Je knippert met je ogen. In een klap klaarwakker vraag je je af of je droomt. Nog heel even is er de twijfel of je wel helemaal bij je verstand bent. Maar als handen zich rond je polsen en enkels sluiten, breekt het zweet je aan alle kanten uit. Wat is dit? Een misplaatste grap van een van je vriendinnen? Wat heeft dit verdomme te betekenen? "Laat me los!! Neeee! Laat me los, los, laat me los!" Je lijf begint veel te laat te spartelen. De getrainde soldaten hebben je armen op je rug gedraaid. Een touw snijdt brandend in je onderarm als ze je polsen ruw vastbinden.

Voordat ze je enkels hetzelfde lot kunnen laten ondergaan zie je nog kans een van heb ik z'n kruis te trappen. Hard word je hoofd aan je haren achterover getrokken. "Vuile teef, da's m'n vriend!!! Hier zul je voor boeten! Extra, naast al het andere! En reken maar dat ik er plezier aan ga beleven!" Er gaat een schok door je heen. Een vrouw! De leider van de groep indringers is een man in een soort priestergewaad. Drie van de soldaten zijn mannen, maar de in je oor sissende bitch is een vrouw.

Met een krachtige zwaai gooit een van de soldaten je over zijn schouder. Hij slaat zijn hand om je heen en gaat rechtop staan. De grote hand knijpt hard in je billen. Plots voel je je naakter dan naakt. Je verbergt je gezicht in zijn rug om de anderen maar niet te hoeven zien. "We gaan." De leider is de deur al uit als de soldaten zich in beweging zetten. Je buik stuitert bij elke stap ongemakkelijk op zijn harde schouder. En je voet komt onzacht in aanraking met een koud stuk staal.

Het is bizar. Langzaam dringt de situatie tot je door. Soldaten? Soldaten met rondvormige ijzeren helmen? Soldaten die maliŽnkolders en zwaarden dragen? En dat geluid? Je realiseert je dat je het staccato geluid van marcherende soldatenlaarzen op de harde klinkers voor je deur verwacht. Laarzen hoor je wel, maar het geluid is gedempt. Zo gedempt dat het nauwelijks boven het achtergrondgeritsel uitkomt. Naakt op de schouder van een onbekende soldaat. En waarom is het niet koud. Je gedachten worden verwarder en verwarder.

Even knijp je je ogen heel stijf dicht. "Kom op, even een grote meid zijn. Even rustig nadenken. Probeer uit te vinden wat ze met je van plan zijn. Probeer te bepalen waar ze je heen brengen. Zorg dat je weet wat je moet doen als je de kans krijgt los te breken, te ontsnappen." Met die gedachten open je je ogen. Heel voorzichtig kijk je om je heen.

"In een bos? Ben ik in een bos?" Het idee is te onwerkelijk voor woorden. Het dichtstbijzijnde bos ligt ... god, zo ver weg! In die, wat is het, twee, misschien drie minuten kunnen ze je nooit zo ver weg hebben gevoerd dat je nu in een bos bent. Maar, knipperend met je ogen, je ziet toch echt alleen maar boomwortels, varens, takken, een met bladeren overdekt bospad. En de stuiterende schouder in je buik maakt pijnlijk duidelijk dat dit geen nare droom is. Was het maar zo!

"Halt!" De priester die de troep aanvoerde, komt naar je toegelopen. Hangend over de harde schouder zie je nog net de onderkant van zijn kazuifel. "Uitschakelen! Deze heks mag niet weten waar we haar gaan zuiveren." Je bent nog bezig deze zin woord voor woord tot je door te laten dringen als een van de soldaten zich naar je omdraait. "Nee! Dat is er een voor mij. Die vuile sloerie heeft er nog een van me tegoed!" En met een mokerslag recht in je gezicht doet de vrouwelijke soldaat je licht uit.

Het eerste dat je voel als je bijkomt is het stekende prikken van stro in je borst en bovenbenen. Om je enkels en polsen zitten zware ijzeren boeien. Het is aardedonker en het stinkt verschrikkelijk. De lucht van urine, van oud stro. Ergens een eindje verderop hoor je geritsel.

Misschien geen muizen, maar brrrrr. Onwillekeurig probeer je op te staan en weg te lopen van het geluid. Het opstaan lukt, met moeite. Lopen gaat ook, met kleine pasjes. De ketting tussen je enkelboeien verhindert dat je niet meer dan twee of drie decimeter per stap vooruitkomt. Maar het gaat.

Smak. Met een doffe plot kom je onzacht in aanraking met de vloer. Niet de ketting is de oorzaak van je val, maar een voorwerp op de grond. Dat voorwerp kreunt zacht. Je stamelt een 'oh, sorry. .... spijt me ... kan niks zien." "Ach, geeft niet, had ik in het begin ook. Wen je in een kwartiertje wel aan." Uit de hoogte waar het antwoord vandaan komt maak je op dat de persoon waarover je gestruikeld bent ook helemaal op de grond ligt. Je bent niet over haar voeten gestruikeld, maar echt dwars over haar heen. Honderden vragen flitsen door je hoofd. Wie is ze?

Waarom zit ze hier. En waarom zit je zelf hier? Hoelang zit ze er al? Wat willen ze van je? Zijn er nog meer mensen? En alleen vrouwen? Is er al eens iemand ontsnapt?

Stukje bij beetje krijg je het verhaal te horen. En omdat je ogen aan de duisternis wennen, begin je ook dingen te zien. De vrouw waarover je gestruikeld bent is een jaar of achtentwintig, negenentwintig. Later vertelt ze je dat ze tweeŽndertig is. Maar ze ziet er goed uit. Haar naakte lijf is gesierd met twee stevige borsten. Een klein buikje en stevige, mooie grote billen. Als je vraagt waarom ze hier zit, wat ze met je doen en of de een striem op haar billen door de soldaten is toegebracht, glimlacht ze. "Weet je dan niet waarom je hier zit?" Ze slaat haar arm om je heen en begint te vertellen.

De ruimte waarin je zit is de kerker van een klooster. Een van de vele kerkers van het klooster. De soldaten die je hierheen brachten zijn geen soldaten, maar leden van de pauselijke garde. En hun aanvoerder is geen priester, maar een kardinaal. Samen met zijn vier gardisten zorgt de kardinaal ervoor dat het pauselijk decreet uiterst grondig wordt uitgevoerd: de wereld bevrijden van alle heksen van alle tijden.

"Alle wat?" Haar hand streelt door je haar en haalt een plukje uit je gezicht weg. "Alle tijden. Heb je die vrouwelijke soldaat gezien." De beurse plek op je gezicht gloeit extra bij de gedachte aan de bitch. "Ja, oh ja. Die ken ik. Probeerde me los te worstelen en trapte haar vriend in zijn kruis. Als vergelding daarvoor heeft ze me hoogstpersoonlijk knock-out geslagen." Zacht streelt de hand over je beurse gezicht. "Trekt wel weer bij. En er zullen nog wel wat blauwe plekken bijkomen. Maar daarover later. Dat wijf is een oude non, in 1561 ter dood veroordeeld wegens zwarte magie en hekserij. Dat vonnis is nooit uitgevoerd omdat de veroordeelde plots spoorloos verdwenen was."

Je verbouwereerde gezicht maakt dat je nieuwe vriendin even uitwijdt. "Ze is in staat zichzelf naar een andere tijd te verhuizen. Zichzelf, en alle mensen die haar vasthouden. In de tijd waarin terechtkwam werd ze weer ter dood veroordeeld. Ziek geworden werkten haar krachten niet toen ze weer naar een andere tijd probeerde te ontsnappen. En de inquisiteur was slim genoeg om haar niet af te maken. Hij vroeg aan de paus toestemming haar gaven te gebruiken om heksen op te kunnen pakken, ongeacht het jaar waarin ze leven. Uit welke eeuw kom jij?"

      "Ikke? Eh? Ik ben geboren in negentienhonderden ... Wat probeer te zeggen? Bedoel je dat ik ben opgepakt omdat? Denken ze dat ik? Een heks? Ik?" Alles flitst aan je voorbij. Je fantasietjes. Je spelletjes. Erotische spelletjes. Opwindend, maar onschuldig. Opgepakt worden? "Dus, als ik je goed begrijp worden we berecht? Gemarteld, uitgehongerd, geslagen, misbruikt? En uiteindelijk verzopen in een rivier? Of geroosterd op de brandstapel terwijl het volk staat te zingen en te dansen? Oh, mijn god! Wat we ook zeggen, ze martelen ons net zo lang totdat we bekennen en dan. En dan ... en dan ... oh, god!"

Ondanks de duisternis zie je tranen in het gezicht van je vriendin. "Erger nog dan dat, eh, hoe heet je eigenlijk?" "Curiosa." "Ah, Petra, aangenaam. Sorry verkeerd woord. Maar onder andere was het aangenaam geweest je te leren kennen.

Maar het is erger, Curiosa. Ja, we zullen net zo lang gemarteld worden tot we bekennen. Maar niet in je eentje. Ze hebben een martelkamer, zo groot! Ze martelen heksen met z'n tweeŽn. Twee is het magische getal voor het vrouwelijke, en daarom worden er altijd twee heksen tegelijk tot een bekentenis gedwongen. De beulen zijn de drie mannelijke soldaten: drie is het getalsymbool voor mannelijkheid. En om ervoor te zorgen dat het kwaad, zoals zij dat zeggen, totaal wordt het aantal heksen aangevuld tot 22.

Maar dan houdt het niet op. Dan krijg je tien dagen rust. In die tien dagen wordt je tegen de wand van de ronde martelkamer vastgeketend. Voor je ogen worden de twintig andere heksen in groepjes van twee onder handen genomen door het vijftal sadisten. En dan begint het allemaal van voren af aan. Ze dwingen je je bekentenis in te trekken. En dan weer ... oh, Curiosa! Hou me vast!" En snikkend valt het hoofd van je vriendin op je schoot.

Hoe lang je hebt liggen knuffelen? Geen flauw benul. Maar het is in ieder geval lekkerder dan het stukje stro dat nu in je neus kriebelt. Buikspiertjes proberen zich aan te spannen en te relaxen. Alles, om maar vooral te voorkomen dat je moet niezen. Vooral niet niezen. Niezen verbreekt de warme omhelzing van je vriendin, een vriendin die je nog geen dag kent, maar wier lijf je als een warme, beschermende deken over je muf riekende, naar angstzweet stinkende lijf sluit.

Je sluit je ogen. Onwillekeurig haal je heel bewust adem. Je hebt niet gegriend. Elk deeltje van je ontegenzeggelijk vrouwelijke lichaam is er heel erg trots op. Een traan welt op in je ogen. Het warme lijf dat zo weldadig om je heen is gedrapeerd, wordt heel binnenkort meedogenloos doodgemarteld.Kippenvel. 

Elke porie van je warme lijf staat stijf van ontzetting. Je tepels verstijven. heel even spant elke spier in je lichaam zich aan. Heel even ... En dan ontspannen alle spieren zich. Urine loopt over het stro tussen je benen.

"Hoi" klinkt het in je oor. Langzaam en loom draai je je om. Instinctief kus je de lippen die de jouwe zoeken. Een hand op je borst. Over je schouder. Je zij. Rond je billen. "Oh. Nee, Petra, Petra, even, alsjeblieft, ik weet niet of ik dit wel wil."

Petra barst uit in tranen. Haar lijf hangt schokschouderend tegen je aan. "Oh, Curiosa, oh Curiosa!. Oh, ik ben zo verschrikkelijk bang! Ze gaan alles met me doen! Alles, ALLES, begrijp je?! Ze gaan m'n tong uit m'n mond rukken. En zo'n peer in m'n ...., Oh Curiosa! En die lieve ronde tietjes van je! Die beesten gaan net zo lang door tot je"

Je hart slaat even over. Een seconde of tien. Staccato geklik van harde ijzeren hakken op een koude stenen vloer. Je lijf keert zich om. Je begint Petra te kussen. Jankend als een klein kind begin je Petra te kussen. De harde koude tikken van de stalen hakken bezorgen je hoofdpijn. Diep ademhalen. "Petra?" Een kort moment van stilte. "Hoe erg het ook wordt, houd het vol tot we weer hier zijn. Volhouden. Tot wel elkaar hier weer zien." Je knikt ja als de deur openzwaait.

De kardinaal staat in de deuropening. "Meenemen, allebei!" Een van de gardisten helpt je ruw op de been. Het onregelmatige licht van fakkels geeft de kerker een onheilspellende aanblik. Je voelt een wurgende arm om je hals. Bijna verstikkend. Je lijf verslapt. Het geluid van knarsende sleutels die boeien ontgrendelen. En dan vlieg je bijna tegen de uur: de gardist geeft je een flinke zet voorwaarts. "Lopen!" Beduusd probeer je je evenwicht te hervinden. Kei en keihard schopt een laars hard tegen je achterwerk. "Lopen, zei ik!" Mechanisch strompel je naar de deur, de gang op.

De kardinaal staat al te wachten. Hij kijkt achterom, een wrede grijns op z'n zelfingenomen smoel. Achter je hoor je hoe Petra drie keer geschopt wordt voordat ze naast je komt staan. En dan, de kardinaal voorop, en de harde laarzen van de gardisten vlak achter je, zet het gezelschap zich in beweging.

Gaandeweg probeer je rechterop te lopen. Probeer je iets van je zelfrespect te herwinnen. Je achterwerk gloeit van de voltreffer, en ook je zij draagt een pijnlijke herinnering met zich mee. Een blik opzij naar Petra en het openen van je mond om iets te zeggen, nee, was geen goed idee. Ondanks de pijn, ondanks het feit dat je smerig bent, stinkt, je haren vol klitten zitten, ondanks de blauwe plekken en ondanks het gevoel dat je naakter dan naakt bent, steek je je borsten fier vooruit. Je hoofd rechtop. En er verschijnt zelfs een glimlach op je gezicht.

Vanuit je ooghoeken zie je dat Petra zich aan je spiegelt. Lopen valt haar zwaar: de drie schoppen tegen haar kont produceerden zo'n geluid dat je maag ervan samentrok. Maar de strompelende stapjes hebben plaatsgemaakt voor een waardiger tred. En door de tranen heen zie je een flauw lachje. Het lachje der verdoemden, maar niettemin een lachje. Wat er ook komt, je neemt je heilig voor dat niets, maar dan ook werkelijk niets je zal kunnen breken.

Die zelfverzekerdheid krijgt een flinke deuk als het einde van de gang bereikt wordt. Mijn hemel! Een enorme ruimte, heel groot, heel hoog. Ronde muren. Her en der aangestoken vuren verlichten de martelkamer op een wel heel onheilspellende manier. Overal ketenen aan de muur. Aan de linkerkant staan een aantal meisjes vastgeketend. Ongeveer de helft van de muur is gevuld met vastgeketende naakte vrouwenlijven. Je blik glijdt over hun naaktheid. Sidderend besef je dat deze lijven, deze nu nog fantastisch mooie lijven, wreed mishandeld zullen worden.

God, kijk eens! Overal staan de meest vreselijke martelwerktuigen opgesteld. Van een aantal weet je wat hun gruwelijke doel is. Een pijnbank. Een vuuroven met gloeiende ijzers. Kruisen. Takels. Twee grote bakken met water, een boven een knapperend vuur. Maar van het overgrote deel van de constructies weet je dat hun doel je pas duidelijk zal worden als je gedwongen wordt er kennis mee te maken.

Je draait je schielijk om en glipt langs de gardisten. Door de deur heen ren je de gang in. Neeeeeee! De gang is versperd door een zwart, grof ijzeren hek. Je smijt je lijf tegen het hek aan, jankend, in stilte. Met je armen rond de spijlen glijd je lijf zacht omlaag. Een zielig hoopje wacht tot het beangstigende geluid van laarzen naast je tot stilstand komt.

"AAaaaaaaaaaaaauuuuuuuuuuuuuuuuuuuw!" De gardist is zo vriendelijk je aan je haren overeind te trekken. Meer slepend dan lopend word je bij de kardinaal gebracht. "Mooi. Ik zocht al een stel om het bal mee te openen, en ik denk dat jij en je vriendin een uitstekend stel vrijwilligers zijn. Jullie zitten lekker in het vlees. Een mooi voorbeeld voor de rest van de heksenschare." Je rilt vol afschuwen als zijn hand over je borst glijdt. 'Lekker in het vlees.' De sadist ziet je als een beest, keurt je lijf met z'n ogen en handen, inschattend of je rijp voor de slacht bent. En in zijn wreed fonkelende ogen ben je overrijp.

"Houtblok!" Je handen worden op je rug gebonden. Je kijkt gelaten toe als Ook die van Petra boven haar fraai gevormde billetjes vastgezet worden. Twee korte, dikke houtblokken worden op iets minder dan een meter van elkaar onder een hoge dwarsbalk geplaatst. Twee gardisten helpen je onzacht op het houtblok. Met een flinke zwaai worden er touwen over de dwarsbalk gegooid. En voor je het weet zit er een stugge strop rond je hals. "Zo. De enige manier om nu nog te ontsnappen is naar het hiernamaals." Bulderend van de lach verlaat de kardinaal de martelkamer. Met de vier gardisten in zijn kielzog.

Besef van tijd heb je niet. Als er een klok aan de wand had gehangen, had je geweten dat het ruim twintig minuten geduurd heeft voordat het gezelschap weer terug komt. Dit keer hebben ze twee meisjes opgehaald met een duidelijk Frans uiterlijk: gitzwart haar, heel slank figuurtje, stevige kleine borstjes en een zwart streepje tussen hun ranke dijen. Onwillekeurig vraag je je af of het een tweeling is, zozeer lijken deze kleine heksjes op elkaar. Die gedachte wekt een glimlach op. Twee lieve, onschuldige meisjes, en toch kun je ze niet anders zien als heksen.

Feiten doen er niet meer toe. Iedere vrouw in deze hel is een heks. En hoe onjuist ook, iedere vrouw in deze hel zal als heks ter dood gebracht worden. Je recht nogmaals je rug, en zet je voeten iets uit elkaar. Alsof je lijf wil zeggen: doe wat je moet doen, ik ben er klaar voor.

De Franse tweeling is vastgeketend als het duivelse gezelschap weer een volgend paar gaat ophalen. Van de twintig ketenen aan de muur zijn er nu twaalf bezet. Twintig aan de muur, en twee in het midden. Je kijkt naar Petra en ziet dat ook zij net haar rekenwerk verricht heeft. Ze kijkt omlaag, naar je voeten. Alsof ze iets inschat. Je ziet haar lijf twijfelen als ze omhoog kijkt. Het touw rond haar nek staat vrij strak. Ze kijkt nogmaals omlaag. En tot je ontzetting zie je hoe elke spier in haar lichaam zich aanspant.

"Hoi, Curiosa." Je van angst stijf dichtgeknepen ogen openen zich. Een zucht van verlichting. "Godzijdank. Oh, ik dacht dat je zou springen en er een eind aan wou maken!" Petra glimlacht. "Nooit! Ik ben niet bang om dood te gaan. Maar ze het plezier gunnen mezelf van kant te maken, dat nooit. Wat ze ook doen, ik ga ze recht in hun gezicht uitlachen. Ze kunnen mijn lijf slopen, maar niet m'n geest!" Het flauwe lachje op haar gezicht dat je in de gang zag, heeft plaatsgemaakt voor een brede smile. Haar gezicht gloeit rood. Haar tepels zijn verstijfd. "Kun jij jouw voet op mijn houtblok zetten, kijk, zoals ik het mijne op jou blok heb gezet?"

Zonder na te denken voldoen je aan haar verzoek. Het touw spant zich iets strakker rond je nek als je voelt hoe Petra's borsten zich tegen de jouwe aandrukken. Wijdbeens sta je tegenover haar. Handen op de rug, even wankelend. Gelukkig hervind je je evenwicht op tijd. "Kus me." Het wordt een hartstochtelijke kus. Zelfs in deze bizarre situatie flitsen er verwarde gedachten door je heen als "jeez, dit kan toch niet, waarom doe ik dit? Ik val toch op mannen!" Maar je tong vindt de tong van de enige persoon die je kan steunen in de afschuwelijke tijd die je samen met haar tegemoet gaat.

Plots valt de tong weg. Letterlijk. Het touw rond je hals lijkt je te wurgen als je beseft dat een van de houtblokken weggeschopt is. Je rechtervoet bungelt. Krampachtig proberen de nagels van de tenen van je linkervoet je lijf weer op het enige nog resterende houtblok te krijgen. Luid hoestend slaag je in die poging. Ook het paarsrode hoofd van Petra verschijnt een tiende seconde in je gezichtsveld. Ook zij hoest haar longen vol kostbare lucht. Hijgend zie je dat alle ketenen voorzien zijn van vrouwenlijven. De bitch staat krom van het lachen. "Twee schitterende hekselijven, zo uitdagend dom om mijn vriendje te schoppen, zo heerlijk naÔef denkend dat ze kunnen ontsnappen. En dan blijken ze nog lesbisch te zijn ook! Oh, wij gaan een heerlijke tijd hebben!"

"Later, Sadina, later. Help de dames eerst maar eens naar beneden." Sadina knipt met haar vingers. Voor je ogen wordt alles paars en groen als ook het laatste houtblok wordt weggehaald.
Je hangt in de ketenen aan de muur. Het afgekapte touw zit nog altijd rond je nek. Het uiteinde, op de plek waar het zwaard er fraaie franjes aan heeft geslagen, is vastgeknoopt aan het uiteinde van Petra's strop. Ze hangt links naast je aan haar polsen in de ketenen. Haar hoofd voorover. Haar borst gaat moeizaam op en neer als ze tegen alle pijn in probeert te ademen. Zelf krijg je ook maar met moeite voldoende zuurstof binnen. Een beetje verdwaasd kijk je in de rondte. Rechts naast je zie je een van de tweelingen.

"Ze hebben jullie afgevoerd. Twee anderen moeten in jullie plaats de eerste martelsessie voorbereiden. Ze hebben geen haast. Ze wachten tot jullie bijgekomen zijn. Goeie genade, ik schrok me dood. Ik dacht dat jullie er geweest waren." Je paarse gezicht glimlacht. "Zo gemakkelijk krijgen ze ons er niet onder" antwoord je vastberaden. "Nee, ze zullen veel beter hun best moeten doen om ons klein te krijgen." Het Franse meisje barst in tranen uit. "Daag ze toch niet uit. Ze zullen de meest vreselijke dingen met je doen!" Je recht je rug en spant de spieren in je bovenarmen aan. Het opheffen van je hoofd herinnert je aan de stekende pijn in je hals en nek. Maar trots is belangrijker dan pijn. "Martelen doen ze ons toch wel. Het zijn sadisten die niet stoppen voor we totaal vernederd zijn. En dan maken ze ons af. Dat laatste kan ik niet voorkomen. Maar vernederen? Nee, over m'n lijk. Letterlijk!"

De schrik in de ogen van de FranÁaise maakt plaats voor ongeloof. ongeloof maakt plaats voor een fonkeling. En de fonkeling maakt plaats voor een uitslaande brand. Twee minuten is er een heftige discussie met haar tweelingzusje. In die tijd zie je hoe ver rechts van je ook haar de knieŽn zich rechten. Hoe twee kleine borstjes zich vooruit priemen. Hoe een laatste snik wordt gevolgd door het wild schudden van zwarte haren. Een diepe zucht vult de ruimte. De twee heksen die de voorbereidingen treffen, kijken om. De vier trotse lijven steken schril af bij de zestien geknakte hoopjes bang week vlees.

Een van de voorbereidsters krijgt een striemende zweepslag over haar rug. "Doorwerken! Sta niet zo stom te gapen! Schiet op, stomme teef!" Het knallende leer zorgt niet alleen voor een vuurrode striem op de roomwitte huid van de arme ontvangster. De hele martelkelder is wakker geschud. Elk paar geketende polsen beseft dat er iets aan de hand is. Behalve de FranÁaises begrijpt niemand wat er zich precies in de ruimte voltrekt. Maar alle ogen gaan zoekend van links naar rechts. Menig ogenpaar blijft hangen op je fier vooruitgestoken borsten. Je bovenbenen spannen zich aan. Je duwt je onderlijf iets naar voren. Elk paar ogen dat je lijf vindt beloon je met een fonkelende, dwingende blik. Je lijf begint te gloeien.

Je hoofd draait naar links. Je ziet hoe Petra's hoofd zich naar rechts draait. Trotse blik ontmoet trotse blik. Een gevoel van strijdlust. Even sluit je je ogen. Je oogleden weer naar Petra opslaand fluister je "Dank je wel voor die kus ..."

"Curiosa, 42 jaar, getrouwd en wonende te Vroomshoop. Eigernaresse en enthousiaste beheerdster van verderfelijke literatuur: je wordt er ten overstaan van het tribunaal van Zijne
heiligheid de Paus van Rome van beschuldigd heks te zijn. Wat is hierop je antwoord?" Je
zwijgt. De kardinaal rolt het perkamenten document op. Heel even denk je terug aan hoe het
Paula verging.

Paula worstelt. Het zweet op haar gespierde lijf gutst met straaltjes over haar rondingen.
Vastgehouden door vier gardisten ligt ze ruggelings, weerloos te spartelen tegen haar lot.
"Als ze heks is, is ze nog maagd. Dat testen we nu. Als haar kutje bloedt, is dat het eerste
teken dat ze daadwerkelijk een heks is." Vastgeketend moet je toekijken hoe ze vergeefs
verzet biedt. Hoe de kardinaal zijn gewaad laat vallen. Hoe zijn machtige lul hard en stijf
het vonnis zal voltrekken. Petra krijst en hijgt. Ze gilt! "Neem me dan, klootzak, neem me
dan! Je bent er niet mans genoeg voor! Neem me dan!"

Diep in je hart moet je glimlachen om de vulgariteit van je vriendin. En dan stapt de
kardinaal dichterbij Zijn linkerhand rust al op de naakte dij van je weerloze vriendin als
je uit je ooghoek een glinstering opvangt. Metaal! Je hebt geen benul van wat je hebt
gezien. Een snelle handbeweging met rechts, over zijn kruis. Dan een wreed hoongelag als hij
zijn lid tegen het weke vlees van je vriendin perst. De martelkamer vult zich met een diepe
zucht als de kardinaal penetreert. En met een verwoestend dierlijke kreet als hij zich uit
haar heiligdom terugtrekt. Bloed gutst uit haar intiemste plekje. Ze gilt hysterisch.

De kardinaal draait zich om. Zijn rechterhand is rood, zijn lul bebloed. "Petronella
Pennius, in naam van Zijne Heiligheid de Paus van Rome, ik verklaar dat de eerste test
uitwijst dat u inderdaad een heks zijdt."

Je schudt je hoofd om die vreselijke gedachte weer van je af te zetten. Weer klinkt het
"Curiosa van Buuren. Je wordt er ten overstaan van het tribunaal van Zijne heiligheid de Paus
van Rome van beschuldigd heks te zijn. Wat is hierop je antwoord?" De kardinaal komt
intimiderend dicht voor je staan.

Spwwwtttttt! Een dikke fluim spuug spat uiteen op het schijnheilige gezicht. "Jij hypocriete
zak! Mijn vriendin veroordelen als heks! Met stalen messen rond je eikel! Haar ku ... Haar
openrijten met zo'n lage, met zo'n smerig truc! Zak dat je bent! Minderwaardig schep....
PETTTTTSSSSSSSSS!

Hard en hol klinkt de slag die een einde maakt aan je tirade. "Takel!" Je wordt geboeid,
geslagen, geduwd. Het maakt niet uit. Je ogen zijn als met staalkabels verbonden met die van
de kardinaal. Elk vurig oogcontact maak je hem duidelijk dat je hem veracht. Dat je weet dat
hij iets rond zijn eikel heeft gedaan om het meest vrouwelijke plekje van je vriendin te
laten spuiten als een rode fontein. Je weet dat hij je haar. Je weet dat er nog twintig arme
schepsels onteerd zouden zijn als je hem niet in het diepst van zijn ziel had geraakt. Net
zo goed als je weet dat je daar nu de prijs voor zult moeten betalen.

Je handen reiken ongemakkelijk hoog boven je lijf als je beseft dat je borsten op deze
manier wel een heel aanlokkelijk schouwspel moeten bieden. Je steekt je tietjes nog eens
extra vooruit. Je spreidt je benen. Je ogen zoeken de kardinaal. Je vindt hem, de gardisten
commanderend een bok jouw richting op te zeulen. "Kom op dan! Kom op dan, valsspeler die je
bent! Laat zien wat je echt met een vrouw kunt doen!"

Zijn lichaam weer geheel bedekt als een grote houten bok tegen je buik wordt geduwd. Boven
in de bok zit een groot rond gat. Een gat met een doorsnede van acht, ja, acht, misschien
negen centimeter.

"De houten pik!"

Het klinkt als een doodvonnis. Vierenveertig ogen staren met ontzetting naar een glad,
fallusvormig houten object. Glimmend vet wordt het door Sadina richting bok gebracht. Twee
bitchy handen sluiten zich rond de houten fallus als de kardinaal haar tot de orde roept.
"Hier!" De houten penis wordt overhandigd.

"DIT" De houten paal zwaait voor je ogen. "DIT is wat je had gekregen als ik je als heks
had moeten veroordelen. Maar nu je je toverspreuken tegen MIJ begint te gebruiken, moet ik
wel uit een ander vaatje tappen." Als een chirurg strekt hij zijn hand uit, achterwaarts,
over zijn schouder. "Hamer" Een gardist reikt een hamer aan. "Spijker." Seconden later is
een centimeters lange spijker dwars door het hout geslagen. "Spijker!" En weer verschijnt er
een scherpe punt aan het andere einde van het ronde hout. "Spijker" "Spijkerrrr!" "SPIJKER!"

Tien scherpe punten verstoren elke lieflijke illusie die de houten fallus had kunnen
opwekken. Een van de FranÁaises begint te wenen als de kardinaal zijn onverbiddelijke
"Optakelen!" laat horen.

Uren later word je heel, heel langzaam wakker in de armen van je twee dagen oude vriendin.
Haar tranen druppen over je gezicht. "Oh Curiosa. Lieve moedige Curiosa." Je tuit je lippen om
je vriendin te kussen. Een snerpende pijn doorsnijdt je vrouwelijkheid. "Oh, Petra, Petra! Wat hebben ze gedaan" Het drupje verandert in een waterval. Schokkend en snikkend laat Petra haar tranen de vrije loop.

Iiiiieeeeeeekkkkk! Een plens ijskoud water brengt je bij je positieven. "Opstaan!" Het is de scherpe stem van Sadina. Met moeite kruip je overeind. Onwillekeurig maak je haast: de pijn van de eerdere trap met haar laars is nog duidelijk voelbaar.

"Beminde gelovigen." De kardinaal richt zich tot de vier gardisten. "Het is pijnlijk duidelijk dat we ons bevinden temidden van 22 heksen. Geloofde ik eerlijk en oprecht twee uur geleden ten minste nog ťťn vrome vrouw onder hun midden te vinden. Nu besef ik dat we omringd zijn door volgelingen van de Duivel. Vrouwen met magische krachten, bezeten van het kwaad. Vrouwen die er duistere praktijken op na houden. Het is onze heilige taak alle kwaad uit te bannen. Laat hen een voor een bij mij brengen. Ik zal ze nummeren. Nauwgezet zal ik bijhouden welk nummer welke behandeling heeft ondergaan. En uiteindelijk zal de victorie aan ons zijn: 22 geredde zielen!"

Gedurende dit bombastische gekoeterwaald kijk je de martelruimte rond. Bijna overal hetzelfde beeld. Een naakt vrouwenlijf, met wijd gespreide armen aan de muur geketend. Glimmend van het zweet. De binnenkant van de dijen door vers bloed rood gekleurd. Het gezicht getekend door pijn, de ogen ongebroken en vurig. Twee paar ketenen zijn leeg. Voorzichtig kijk je achter je. Inderdaad. behalve Petra zie je ook de Franse tweeling achter je staan. De bebloede dijen verhinderen niet dat hun uitstraling fier en krachtig is.

Een rake klap in je gezicht brengt je weer bij de les. "Vuile slet dat je bent! Dat staat tijdens de preek op het kutje van haar vriendin te geilen." Je draait je gezicht terug in de richting die door het gloeien wordt aangegeven. "Ja, mooi is ze, een prachtig lijf, niet?" Die provocatie brengt het schuim op de lippen van de gardist tegenover je. "Vind je?" Met drie resolute stappen passeert hij je. Nog geen seconde later treft zijn vuist Petra vol in haar buik. Alle lucht wordt uit haar longen geperst. Willoos, levenloos, als een zak aardappelen zakt ze op de grond. De gardist draait zich om. "Nee, geen mooi lijf." Zijn sadistische grijs wordt breder als hij Sadina in haar kont knijpt en eraan toevoegt: "Geef mij maar een echte vrouw, een waar meer pit in zit dan in die slappe vriendin van je! Kijk haar liggen!"

Petra kotst haar ingewanden eruit als ze met een ultieme inspanning probeert op te staan. Wankelend, half tollend op haar benen dwingt haar geest haar lijf rechtop te gaan staan. Je verwacht haar elk moment tegen de grond te zien klappen. Als dat niet gebeurt, neemt de kardinaal het initiatief weer in handen. "Breng de ongelovigen een voor een hierheen. Te beginnen met die blonde met die dikke reet daar!" Zijn benige vinger wijst naar een vrouw, begin dertig. Lange blonde lokken reiken tot op haar volle boezem. Je krijgt een duw en met je drie vriendinnen loop je naar de blondine toe. Petra heeft moeite de groep bij te houden: je houdt bewust in. Uiteraard komt je dat op een striemende slag op je rug te staan.

De twee zusjes bevrijden het eerste slachtoffer van haar ketenen. De twee slanke, kleine meisjes met hun gitzwarte haar ondersteunen het welgevormde veel grotere lichaam van de blondine op weg naar de plaats waar ze ... ja, wat eigenlijk? Veel tijd om na te denken is er niet. Sadina geeft Petra nog een extra duw ten teken dat de hele club zich bij de kardinaal moet melden. Daar zie je dat de drie andere gardisten een grote, zware houten tafel in gereedheid brengen.

"Eindelijk! De volgende keer maken jullie meer tempo, of jullie maken kennis met de zweep! Gooi dat wijf op de tafel. Nee, andersom, op haar buik! En houd haar stevig vast. Die twee zwarte ratjes pakken haar polsen. Ja, zo, perfect. En jullie twee haar benen. Nee, wijder uit elkaar! Wie loslaat krijgt veertig zweepslagen! En jij, Sadina, draai het hoofd van die slet zo dat ik goed kan zien hoe ze gilt als we de duivel uit haar lijf branden!

Bij die laatste woorden voel je hoe de weerloze blondine haar beenspieren even aanspant. Haar lijf siddert van angst. Ze is zeiknat van het zweet. Haar ronde billen zijn hard en vol. Haar kontje maximaal dichtgeknepen. Sadina dwingt haar gezicht naar rechts. Je ziet de vlammen van het hete vuur iets verderop haar gelaat verlichten. Het is een lief, knap gezicht. Ook al is de angst ervan af te lezen.

Je volgt haar blik in de richting van het vuur. Je ziet een van de gardisten paar een grote, zwarte handschoenen aantrekken. Op zijn ontblote bovenlijf parelen grote druppels, zo heet is het vuur waarbij hij staat. De gehandschoende hand reikt in het vuur. Pakt een lang, dun voorwerp. Alom klinken kreten van afschuw als hij zich breed en wreed lachend omdraait.

Rood en rood gloeiend is het brandijzer in zijn handen. Tergend langzaam komt hij op zijn slachtoffer af. Aan het einde, daar waar het verzengend hete ijzer een spiegelbeeld van het getal 22 laat zien, zindert de lucht omhoog als ware het een fata morgana. De tranen in de ogen van de blondine doen je realiseren dat dit de echt meedogenloze werkelijkheid is. Een alles verscheurende doodskreet vult alle uithoeken van de ruimte.

Er hangt een misselijk makende geur van verbrand vlees in je neus als je gevieren het bewusteloze lichaam van de blondine richting de ketenen sleept. Samen met Petra ben je bezig het gebrandmerkte lijf in de ketenen te slaan als de Franse tweeling al naar het volgende slachtoffer wordt gedirigeerd, een Chineese. Tranen stromen ongecontroleerd, zowel van de Chineese als van haar buurvrouw. Iedere aan de muur geketende vrouw realiseert zich hoe lang het zal duren voordat zij aan de beurt zal zijn.

Je ziet het vingertje van een van de tweelingzusjes zich onder de kin van de Chineese. Zwijgend wordt het kinnetje iets opgetild. Sadina heeft haar zweep al in de hand, maar de rode striem op het blanke Franse ruggetje kan niet voorkomen dat de Chineese een klein kusje op haar wang krijgt. Krimpend van de pijn zakt het fragiele Franse lijfje tegen haar aan, geluidloos. Als ze zich even later weer opricht, ontmoet haar blik de fonkelende ogen van de Chineese.

Losgemaakt loopt de Chineese vrijwillig tussen haar bewakers-tegen-wil-en-dank in. Vrijwillig gaat ze op de ruwe houten tafel liggen, hoofd opzij, in de richting van het verzengende vuur. De druppels op haar voorhoofd zijn transpiratiedruppels, geen angstzweet. Ze spreidt haar armen en benen. Haar gezicht draait zich naar je toe als ze opgetogen zegt "Houd je me goed vast?" Sadina slaat haar in het gezicht. De Chineese draait haar gelaat naar Sadina toe en zegt: "Nummelll 21 alstublieft. Met sambal elbiAAAAAAAAAUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUUAAAAAHHHHHHHHHH!!!"

Van de zestien meiden die volgen, vecht er slechts ťťn wanhopig tegen haar lot. Negen keer moet je een bewusteloos naar verbrand vlees stinkend lijf in de ketenen hijsen. Als ook het nummer vijf, 05 om precies te zijn, in een vrouwenbil is gebrand, zie je Petra met haar ogen knipperen. Net als jij beseft ze dondersgoed welk viertal nu opgesierd zal worden. Haar pas verraadt niet de angst die ze diep van binnen zonder twijfel zal voelen. Die moed geeft ook jou de kracht om naar de plek des onheils te lopen.

De Franse tweeling staat recht tegenover je, aan de andere kant van de tafel als je naast Petra plaatsneemt. "Houd vol!" De negerin die deze aanmoediging schreeuwde krijgt twee vuistslagen in haar buik en een over haar kin. Op het randje van bewusteloosheid hangt ze in de kettingen als Petra op tafel klimt.

"Kom maar op me liggen." De kardinaal is te verbouwereerd om dit initiatief te verbieden. Onwennig kruip je op handen en knieŽn op de tafel. Rechts van je zie je hoe de tweelingzusjes jullie voorbeeld volgen. Je hangende borsten raken Petra's verstijfde tepels. Je buik zakt warm en zacht tegen de hare. "Haak je knieŽn maar om de mijne."

Je spant alle spieren in je lijf in een poging het ongecontroleerde trillen te laten ophouden. "Bang?" "Ja ..." Je voelt Petra in je bovenarm knijpen. Haar hand duwt je gezicht zacht maar dwingend naar rechts. "Bijt maar in m'n bovenarm." Je aarzelt.

 

 

krijgt een vervolg.....!

 

 

 

back to HeXX-page